Woerden - Weeskamer 4 index (1588-1622)
De scans van de weeskamer van Woerden zijn te vinden op FamilySearch. In deze inventarisnummers bevindt zich aan het begin een index.
Register ofte tafel van tgeen in dit boeck geregistreert wort die weeskijnderen goederen concernerende.
Hoe dat Claes Dirckz sijne drie kijnderen geprocreeert bij Jannichgen Jansdochter zijne moeders erve bewesen heeft fo. 1.
Hoe dat Crijn Pieterz bekent gelt schuldich te wesen Jan Janz Cruijffs weeskijnt folio 2.
Hoe dat Baeffgen Gijsberts wede. wijlen Jan Janz bewesen heeft haren twe kijnderen hare vaders erff folio 2 verso.
Hoe Lijsbeth Jan Gerritz wede. bekent gelt schuldich te wesen Marrichgen Willems folio 3.
Hoe Govert Pietersz zijn twee weeskijnderen geprocreeert bij Geerte Elberts zijn overleden huijsvrou bewesen heeft haer moeders erff fo. 3 verso.
Hoe Willem Elbertz Fouck(?) zijn weeskijnt bewesen heeft zijne moederl. erff fo. 4
Hoe dat Lucas Philipsz sijn weeskijnt bewesen heeft zijn moederlick erff, als t’weeskijnts erff gecomen van Willem Jansz sijn bestevader folio 4 verso.
Hoe dat Gerrit Ulrickz bekent schuldich te wesen Lijsbeth Dirck Boeijen dochter seecker penn. fo. 6.
Hoe Marrichgen Jacobs wede. wijlen Jan Cornelisz Coppedraijer haer vijff kijnderen bewesen heeft haer vaderlicke erff folio 6 verso.
Hoe dat Otto Gerritz zijn dochters bewesen heeft haer moederlicke erff fo. 7.
Hoe dat die goederen van Jannichgen Jan Baerntz weeskijnt te boeck gestelt zijn fo. 7 verso.
Hoe dat Jan Pietersz Ras zijne soon Lijntgen Jans bewesen heeft sijne moeders erve folio 8 verso.
Hoe Marrichgen Dircx wedue Henrick Janz de Ridder haere kijnderen bewesen heeft folio 9.
Hoe Hubert Meijnertz bekent gelt schuldich te wesen Wijven ende Marrichgen Aertsdochteren folio 9 verso.
Hoe Aeltgen Pieters haer twee kijnderen bij Dirck Jacobz van Weesp geprocreeert bewesen heeft haer vaderlick erff fo. 10.
Hoe Aechgen Dircxdochter haer kijnderen belooft heeft te onderhouden fo. 11.
Hoe Willem Arienz Dongen goederen te boeck gestelt zijn folio 12.
Hoe dat Claes Elbertz belooft heeft Aechgen Pietersdr sijn broeders weeskijnt belooft te onderhouden folio 12 verso.
Hoe dat Herman Jan Jorisz bekent gelt schuldich te wesen Annichgen Jansdochter folio 13.
Hoe dat Aeffgen Melchiorsdr haer drie kijnderen bewesen heeft haer vaderl. erffenisse fo. 13 verso.
Hoe Cornelis Cornelisz Benen bekent gelt schuldich te zijn Pieter Corsz sijne swager fo. 14.
Hoe dat Reijer Jansz ende Willem Pietersz als hoge heemraden van het Waterschap van Woerden gelt bekennen schuldich te wesen fol. 14 verso.
Hoe Dirck Jansz op Brevelt zijn drie kijnderen bewesen heeft haer moeders erffenisse folio 16.
Hoe dat Lijsbeth Boeijens haer twe kijnderen haer vaders erff bewesen heeft fo. 17.
Hoe Jacob Janz van Geestdorp zijn kijnderen bewesen heeft haer moeders erff fo. 18.
Hoe dat Jan Gijsbertz, Geert ende Marrichgen Gijsbertsdochteren bekent van Pieter Aertz voldaen ende betaelt te zijn fo. 22.
Hoe sekere penn. toecomende Jan Sachariasz in t’weesboeck zijn gestelt folio 21.
Hoe Lijsbet Gijsberts wede. van Claes Simonz haer twe kijnderen bewesen heeft haer twee kijnderen fo. 22 verso.
Hoe Aert Claesz zijne drie kijnderen bij Haes Willems geprocreeert bewesen heeft haer moeders erve folio 23.
Hoe Jan Jacobz op Brevelt bewesen heeft Simon Jansz sijne soon zijn moederl. erffenisse fo. 24.
Hoe dat Dirck Gerritz organist bekent heeft gelt schuldich te wesen die weeskijnderen van Jacob Jacobz Boecman fo. 24 verso.
Hoe Bouwen Dircxz timmerman sijn kijnderen bij Agniet Claes zijn huijsvrou geprocreeert haer moeders erffe bewesen heeft fo. 25 verso.
Hoe Goutgen Gerrits wede. wijlen Mattheus Dammarij haer kijnderen bewesen heeft fo. 26.
Hoe Arien Cornelisz zijn weeskijnt geprocreeert bij Haesen Stevens heeft bewesen zijn moeders erff fo. 27.
Hoe Marrichgen Dircx haer weeskijnt mit namen Gerrit Gerritz bewesen heeft haer vaders erff fo. 27 verso.
Hoe Vranck Jacobz sijn weeskijnt bewesen heeft sijne moederlicke erve fo. 28.
Hoe Marrichgen Hermans haer kijnderen bij Cornelis Janz geprocreeert bewesen heeft haer vaders erve folio 28 verso.
Hoe dat Marrichgen Cornelisdr wede. wijlen Pieter Claesz op Brevelt bewesen heeft hare kijnderen folio 30.
Hoe dat Jacobgen Jansdr bekent Lijsbeth Sixtusdochter weeskijnt schuldich te wesen hondert gl. folio 31.
Hoe dat Alidt Michielsdr haer kijnderen bewesen heeft haer vaders erff fo. 32.
Hoe dat Aert Aertz weeskijnts goederen te boeck gestelt zijn fo. 32 verso.
Hoe Grietgen Jan Janz wede. bewesen heeft hare kijnderen haren vaders erff fo. 34.
Hoe dat Jan Janz Vermij bewesen heeft sijne kijnderen haer moeders erve folio 35.
Hoe dat Anthonis Arienz bewesen heeft sijne kijnderen haere moeders erff folio 35 verso.
Hoe Cathrina Jans bewesen heeft Daniel Dominicus hare weeskijnt zijn vaders erff fo. 36.
Hoe Jannichgen Guillianus de Wael wede. Cornelis Mathijsz bewesen heeft hare kijnderen fo. 38.
Hoe Marrichgen Meijnerts wede. wijlen Dirck Gelisz bewesen heeft haer kijnderen haer vaders erff fo. 39.
Hoe dat Lijsbeth Jan Gerritz bekent gelt schuldich te zijn Huijch Joostenz fo. 40.
Hoe dat Marrichgen Willems wede. wijlen Heer Heijn [Mattheus Heijnrickz] soon haer kijnderen bewesen heeft fo. 41.
Hoe dat Jan Aertz Glas [van Gouda] bekent gelt schuldich te zijn Dirckgen Ulricxdr 83 verso.
Hoe dat Marrichgen Jans wede. Arien Ponsz bewesen heeft Pons Arienz zijn vaders erff fo. 41 verso.
Hoe dat Aert Pieterz Haselaer sijn vijff kijnderen hen moederl. erffenisse bewesen heeft folio 42.
Hoe dat Antonia Jan Hermanz bewesen heeft Lijsbeth Gijsberts ende Cornelis Cornelisz haer kijnderen haer vaders erff fo. 43.
Hoe Marrichgen Jaspers bewesen heeft haer kijnderen haer vaders erff fo. 45 verso.
Hoe dat Dirck Aertz bekent gelt schuldich te wesen Geertgen Jan Gerritsz weeskijnt fo. 46.
Hoe dat Willem Mattheusz sijne twee dochteren bewesen heeft fo. 46 verso.
Hoe dat Geert Gerrits bewesen heeft haer kijnt sijn vaders erff fo. 47.
Hoe dat die goederen van Jan Arienz timmermans kijnderen te boeck zijn gestelt fo. 48.
Hoe dat Marrichgen Gerrits wede. wijlen Willem Janz Vlaming haer kijnderen bewesen heeft haer vaders erff fo. 49.
Hoe dat Jan Cornelisz op Barswoutswaerder zijn kijnderen bewesen heeft haer moeders erff fo. 50.
Hoe Cors Barentz sijne kijnderen bewesen heeft haer moeders erff. fo. 51.
Hoe dat Jan Jacobz op Brevelt bekent Claes Janz sijn voersoon gelt schuldich te zijn voer zijn vaders erf fo. 52.
Hoe dat Gelis van Benthum mit Griet zijn huijsvrou bekennen gelt schuldich te zijn Jan Eelgisz ende Cornelia Eelgis fo. 52 verso.
Hoe dat Segerum Cornelisz op Brevelt bekent Claes Claesz sijn huijsvrouwen voersoon eenige penn. schuldich te wesen fo. 53.
Hoe Jan Melchiorz goederen te boeck gestelt zijn fo. 54.
Hoe dat Adriaen Cornelisdr bewesen haer kijnderen geprocreeert bij Dirck Jansz ende Floris Hillebrantz haerl. vaders erff. folio 55.
Hoe Willem Cornelisz sijn weeskijnderen bewesen heeft haer moederl. erffenisse folio 55 verso.
Hoe dat Jan Adriaensz van Oudewater sijne kijnderen haer moeders erff bewesen heeft folio 56.
Hoe Jan Maertenz bewesen heeft Maerten Janz sijn weeskijnt sijn moeders erffve fo. 57.
Hoe dat Jan Maertenz bewesen heeft zijn kijnderen geprocreeert bij Geerte Elberts zijn huijsvrou fo. 57 verso.
Hoe dat Heijnrick Janz Bosch zijn weeskinderen bewesen heeft haer moeders erffve fo. 58.
Hoe dat Gerrit Cornelisz Silx Hubert Hubertz sijn overleden huijsvrouwen soon bewesen heeft zijn goederen fo. 59.
Hoe dat Cornelis Dircxz ende Heijnrick Pietersz bekennen gelt schuldich te wesen Jan Philipsz Preijt fo. 60.
Hoe dat Ellert Pieterz sijne weeskijnderen bewesen heeft haer moederl. erffenisse fo. 62.
Hoe dat Marrichgen Wouters bewesen heeft haer weeskijnt haer vaders erf fo. 62 verso.
Hoe dat Eelgis Janz sijn weeskijnt Jan Eelgisz bewesen heeft sijne moederl. erffenisse fo. 63.
Hoe Cornelis Boeijensz op Rietvelt sijn drie kijnderen bewesen heeft haer moeders erff. fo. 66.
Hoe dat Claes Corsz bekent Neelgen Jan Jansdr schuldich te wesen seker gelt folio 68.
Hoe Gelis van Benthem ende Jan Scheij bekennen gelt schuldich te wesen Hector Thomasz [Verlaen] fo. 70.
Hoe dat Jan Hubert bekent gelt schuldich te wesen Cors Corsz fo. 71.
Hoe dat Jan Alphertz bekent gelt schuldich te wesen Aelbert Jan Louwen weeskijnderen fo. 71 verso.
Hoe dat Huijch Pieterz Haselaer bewesen heeft sijn weeskijnt sijn moeders erve fo. 72.
Hoe dat Gijsbert Aertz schipper bekent Gerrit Heinrickz ende Willemtgen Heijnricxdochter gelt schuldich te zijn fo. 74.
Hoe dat Herman Thijsz bekent gelt schuldich te zijn Thonis Dirckz pottebacker fo. 75.
Hoe Swaen Gerrits haer soon Hubert Willemz bewesen heeft sijn vaders erff fo. 75 verso.
Hoe Gijsbert Janz Paeps weeskijnderen te boeck gestelt zijn fo. 76.
Hoe dat Zegerum Cornelisz bekent gelt schuldich te zijn de kijnderen van Simon Cornelisz Plomp fo. 76 verso.
Hoe dat Aelbert Janz sijne kijnderen bewesen heeft haer moeders erffve fo. 78.
Hoe dat Bartholomees Cornelisz sijne weeskijnt Jan Bartholomeesz bewesen heeft sijn moeders erve fo. 80.
Hoe Jannichgen Aertsdr bewesen heeft haer kijnt haer vaders erff fo. 81.
Hoe dat Henrick Dircxz van Antwerpen bewesen heeft zijne vier kijnderen fo. 82.
Hoe dat Gerrit Evertz bekent Barbara Everts [Barbara Evert Florendr] eenige pen. fo. 82 verso ende folio 101.
Hoe Gijsbert Gerritz bekent gelt schuldich te zijn Geerte Ghijssen zijn moeije fo. 83.
Hoe dat Willem Pieterz ende Eelgis Janz hoge heemraden bekennen Jan Stoffelz weeskinderen schuldich te zijn gelt op renten fo. 84.
Hoe die goederen toecomende Jan Thonisz weeskijnderen geprocreeert bij Swaentgen Pieters te boeck gestelt zijn folio 88.
Hoe die goederen van Thonis Pietersz Lange Thonis te boeck gestelt zijn fo. 89.
Hoe die goederen van Arien Thonisz weeskijnderen te boeck gestelt zijn van haer bestevader gecomen fo. 90.
Hoe dat Adriaentgen Dircxdochters goederen te boeck gestelt zijn fo. 91.
Hoe dat die goederen van Gijsbert Fopz van sijn vaders erff te boeck gestelt zijn fo. 92.
Hoe dat Henrick Gijsbertz Colff zijn broeder Claes Gijsbertz bekent schuldich te zijn fo. 94.
Hoe Lucas Philipsz zijne kijnderen bewesen heeft haer moeders erff fo. 95.
Hoe dat Jan, Claes ende Cornelis Willems soonen bekennen van Pieter Janz Cassenaer haerl. oom van haer bestevaders erffenisse boldaen ende betaelt te zijn fo. 96.
Hoe dat die goederen van Jan Andries weeskijnderen te boeck zijn gestelt fo. 96 verso.
Hoe dat Gerritgen Henricxdochter wedue wijlen Andries Lucasz haer twe kijnderen bewesen heeft haer moeders erve fo. 97 verso.
Hoe Zegerum Cornelisz zijne soon Cornelis Zegerumz ende Lijsbeth Zegerum Cornelisdr bewesen heeft haer vaders erve fo. 99.
Hoe dat Cornelis Aert Govertz zijn twee weeskijnderen bewesen heeft zijne twee dochteren folio 100.
Hoe dat Jan Joosten zijn drie kijnderen heeft bewesen haer moeders erve fo. 102.
Hoe Jan Lambertz zijn twee kijnderen bewesen heeft haer moeders erve fo. 103.
Hoe dat Jan Pietersz stede[meter] bekent gelt schuldich te wesen Dircxgen Dircksdochter fo. 105.
Hoe dat Neeltgen Floris Fransz wede. bewesen heeft Marrichgen Florisdr haer dochter haer vaders erve fo. 104.
Hoe dat Herman Jan Hermanz sijne vier kijnderen haer moederlicke erffve bewesen heeft fo. 106.
Hoe dat Dirckgen Dircken goederen te boeck gestelt zijn fo. 105.
Hoe dat Aechte Gerrits wedue wijlen Jan Gerritz smit bewesen heeft Marrichgen Jans een voerdochter van Jan smit haer vaders erve folio 106 verso.
Hoe Aechte voersz. bewesen heeft haer twe kijnderen bij Jan smit geprocreeert haer vaders erve fo. 107.
Hoe Jannichgen Joosten wedue wijlen Lieven Vael wt Vlaenderen bewesen heeft Jan Lievenz sijn vaders erff fo. 107.
Hoe dat Marrichgen Jans weeskijnt van Jan Pieterz mitten Baert te boeck zijn gestelt folio 107 verso.
Hoe dat Mathijs Gerritz sijn kijnderen heeft bewesen fo. 108.
Hoe dat Cornelis Crijnen ende Anna Aerts gelegateert hebben Allert Cornelisz haer soon sekere pen. fo. 109.
Hoe dat Herman Thijsz bekent gelt schuldich te wesen Clara Jans geprocreeert bij Barbara Hellings folio 109 verso.
Hoe dat Henrick Janz sijne weeskijnt Jannichgen Henricx bewesen heeft haer moederlicke erff fo. 111.
Hoe dat Marrichgen Jansdr wedue Aelbert Hermanz haer kijnderen t’vaders erffve heeft bewesen fo. 111 verso.
Hoe dat Weijn Gerritz bewesen heeft Hans de Wit heure soon haer vaders erff fo. 112.
Hoe die goederen van Jongbloets weeskijnderen te boeck sijn gestelt fo. 112 verso.
Willem Gerritsz Cortens weeskinderen goederen fo. 113.
Hoe Luijdt Gijsbertz bewesen heeft zijne twee kijnderen haer moederlicke erffenisse folio 114.
Hoe dat Gerrit Janz smit bewesen heeft Cornelis Arienz ende Ewout Arienz sijne huijsvrouwen voerkijnderen, als Jan Gerritz ende Arien Gerritz bij Marrichgen Ariens geprocreeert heeft haer moeders erff fo. 118.
Hoe dat Dirck Versteech zijn kijnderen heeft bewesen folio 117.
Hoe dat Joost Gelisz zijn kijnt heeft bewesen sijn moeders erfve folio 116.
Hoe die goederen van Dirck Janz op Brevelt sijne kijnderen te boeck zijn gestelt fo. 115.
Hoe die goederen van Arent Dirckz Mols weeskijnts goederen te boeck gestelt zijn folio 119.
Hoe Stants Simonsz bewesen heeft zijn drie kijnderen haer moeders erff folio 121.
Hoe dat Jan Engbertz sijne weeskijnt bewesen heeft Lijsbeth Jans sijne moeders erve fo. 122.
Hoe Herman Thijsz sijne vijff kijnderen bewesen heeft haer moeders erve folio 123.
Hoe dat Marrichgen Pieters bewesen heeft haer soon Jan Jacobs sijne vaders erve ende haren anderen soon Jacob Stansz folio 121 verso.
Hoe dat Jan Corsz bekent gelt schuldich te weesen t’weeskint van Jan Egbertsz kouckebacker fol. 122 verso.
Hoe dat Matheus Huijgensz van Rijck bekent gelt schuldich te wesen het weeskint van Jan Egbertsz kouckebacker fol. 123 verso.
Hoe dat Mathijs Gerritsz bekent gelt schuldich te wesen Cornelis Claesz weeskint van sijn Mathijs versz. broeder fol. 108.
Hoe dat Coen Pietersz bekent gelt schuldich te wesen Jan Jansz weeskint van Jan Jacobsz fol. 125.
Hoe Pieter Gijsbertsz Colf Lijsbet Pietersdr zijne weeskints bewesen heeft fol. 126.
Hoe Dieuwer Neel Huigen hare weeskinderen geprocreert bij Jan Jansz Phaes bewesen heeft fol. 127.
Hoe dat Petrus de Brickingui sijn weeskint bewesen heeft fol. 128.
Hoe seker instrument bij Gerrit Cornelisz Hagen ende Jan Dircxz van Hees voochden van Aechken Gillisdr te bouc gestelt es fol. 129.
Hoe Heinric Aelbersz op Boswaerder sijne twee kinderen bewesen heeft fol. 130 ende oock deselve es de drie maekende den portie van haer bestemoeders erffenisse
Hoe de voochden van den weeskinderen van Gerrit Coenraetsz van Boshuijsen ende de voochden van Jan Gerritsz weeskint hare rekeninge hebben gedaen fol. 132.
Hoe Claes Corsz sijne drie weeskinderen bewesen heeft fol. 133.
Hoe de boelscheijdinge van Pieterken Gerrisdr z. gedaen es fol. 134.
Hoe Cornelis Gerritsz bleicker sijn kint bewesen heeft fol. 135.
Hoe de voochden van den weeskinderen van Mariken Dircxs erfgenamen van Hubert Pietersz cuiper de goederen van Hubert gecomen hebben te bouc doen stellen fol. 136.
Hoe de goederen van den weeskinderen van Diric Jacobsz metselaer ende sijne huijsvrou te bouck gestelt sijn fol. 137.
Hoe’t weeskint van Otto Maertensz Baertgen Otten haer moederl. erff bewesen es fol. 139.
Hoe Willem Bouwensz sijn weeskint geprocreert bij Lijpken Floren z. bewesen heeft fol. 140.
Hoe Trijn Jansdr hare drie kinderen geprocreert bij Dirick Otten haren z. man bewesen heeft haers vader erve fol. 141.
Hoe Cornelis Ponsz Bouck sijn rekeninge voor weesmrn. gedaen heeft van Gerrit Cornelisz weeskint to anno 1601 toe ende vorders bekent t’weeskint schuldich te wesen fol. 142.
Hoe Jan Willemsz sijn twee kinderen bewesen heeft 143.
Hoe Harmen Jansz Cameric bekent gelt schuldich te zijn de weeskinderen van Aerien Jan Louwen fol. 144.
Hoe Huibert Jansz snider sijne twee weeskinderen geprocreert bij Pieterken Pietersdr haer m. erf bewesen heeft fol. 145.
Hoe Pieter Cornelisz op Brevelt sijne twee weeskinderen haer m. erve bewesen heeft 146.
Hoe Goverken Tomas haer weeskint geprocreert bij Tonis Clemensz bewesen heeft fol. 148.
Hoe Aelbert van Hamel hent de weeskinderen van Lijsbet van Diemen 149.
Hoe de goeden gecomen van Aechte Willems te boucke gestelt sijn ende Jan Huibersz bekent Willem Pietersz weeskint schuldich te wesen fol. 150.
Hoe Marichgen Sweers bewesen heeft haer twee sonen Diric Henricxz ende sijn salige broeder haer vaders erve fol. 151.
Hoe Cornelis Cornelisz opte Bree sijn weeskinderen geprocreert bij Marichgen Aeriensdr bewesen heeft haer moeders erff fol. 152.
Hoe Roeltgen Pieters weduwe wijlen Jacob Jansz van Geestdorp haer z. mans voorkinderen f. 154.
Hoe Nelle Jan Overcants weduwe bekent Henric Joosten leidecker goede betalinge van een hooftsomme van vijfendertich gl. hooftsomme ende de verlopen renten vandijen ende es daerom alhijer doen teijckenen also men de bevestinge nijet con vinden f. 155.
Hoe Marichgen Dirix weduwe wijlen Vries Vriesensz haere kinderen versekert vijftich gul. van den vaders soen(?) gecomen f. 155.
Hoe Jan Gijsen ende Aerien Willemsz wevers als voochden van Bartel Meeus mesmakers weeskinderen kennen Diric Gerritsz organist voor Gouchgen Gerrits betalinge van 150 £ f. 155 verso.
Hoe dat Trijn de Rodt bekent van weesmrn. ontfangen te hebben sekere mantel ende neerhosen(?) van haer soon fol. 156.
Hoe Aechte Pieters haer soon Pieter Maertensz ende t’weeskint van Simon Maertensz bewesen heeft haers vader erve fol. 157.
Hoe Aechgen Pieters weduwe van Aert Aertsz haer weeskint bewesen heeft fol. 158.
Hoe Janneken Willems haer weeskint geprocreert bij Tonis Pietersz op Snelle bewesen heeft haer vaders erffenisse fol. 158 verso.
Hoe de huijsvaders vanden schamelen weeshuijse kennen gelt schuldich te wesen de weeskinderen van Willem Teusz fol. 159.
Hoe Tonis Jansz pannebacker sijn kinderen bewesen heeft fol. 160.
Hoe Gijsbert Gerritsz sekere drie hondert gl. de weeskinderen van Willem Gerritsz Corten bij legaet gemaeckt van Cornelis Gerritsz haer outoom gevesticht heeft fol. 161.
Hoe Adam van der Mijl sijne kinderen die hij geprocreert heeft bij Lijsbet Aelbers sijne z. huijsvrouwe bewesen heeft haer moeders erve fol. 162.
Hoe Floris Willemsz sijn weeskint geprocreert bij Neelken Reijersdr bewesen heeft fo. 163.
Hoe Niclaes Haemlet bewesen heeft sijn weeskint Trijnken Claes haers moeders erffenisse fol. 163 verso.
Hoe sekere vuijtsprake bij burgemrn. ende schepenen deser stede gedaen tusschen de voochden vant weeskint van Jan Slechten ende Marichgen Barentsdr het weeskints wittemoeder te boecke gestelt es fol. 164.
Het accord ende bewijs van Jan Huibersz op sijne vier dochteren fol. 165.
Hoe Pieter Maertensz bekent gelt schuldich te wesen het weeskint van Simon Maertensz fol. 167.
Hoe Marrichgen Barensdr haer twee onmondige weeskinderen van Cornelis Jansz Slecht volgende haer testament haer goet heeft te bouck doen stellen fol. 168.
Hoe Aerien Cornelisz sijne vijer kinderen geprocreert bij Janneken Tonisdr bewesen heeft haer moederlijcke erffenisse fol. 170.
Hoe Grietgen Gerritsdr weduwe wijlen Gerrit Claesz Bruin timmerman bewesen heeft haere vijff dochteren haer vaderlijcke erffenisse fo. 173.
Hoe Cornelis Cornelisz Benen wonende op Rietvelt kent gelt schuldich te wesen Dirick Beuijensz fol. 174.
Hoe Grietken Lambertsdr bewesen haere drie kinderen geprocreert bij Pons Jan Otten haer vaderlijcke erffenisse fol. 176.
Hoe Aert Jansz Poul sijn vier weeskinderen [geprocreert bij Jacobgen Jacobsdr] bewesen heeft haer moederlijcke erve fol. 177.
Hoe de goederen van Janneken Tonis weeskint van Tonis Pietersz op Snelle te bouck gestelt sijn fol. 178.
Hoe jan Cornelisz ende David Cornelisz voochden van Aerien Jansz weeskint van Jan Maertensz op Cromwijck haere rekeninge hebben gedaen vant weeskints goeden fol. 179.
Hoe Jan Jacobsz op Brevelt kent Marichgen Jans weeskint schuldich te wesen hondert gl. fol. 180.
Hoe Jonge Willem Cornelisz schipper bewesen heeft sijn drie kinderen geprocreert bij Neelken Goversdr haer moeders erve 181.
Hoe Marichgen Jacobsdr bewesen heeft haer weeskint geprocreert bij Aert Jansz lindewever bewesen heeft haer vaders erve 182.
Hoe Coen Pietersz schipper bewesen heeft sijne vier kinderen geprocreert bij Reimken Jacobsdr fol. 183.
Accord bij forme van bewijs aengegaen bij Willem Gerritsz weesvader ende sijne drie kinderen geprocreert bij Willemken Nijsen z.g. fol. 184.
Hoe Cornelis Pietersz Lievetijt bewesen heeft sijne vier kinderen haer moeders erffenisse fol. 185.
Hoe Claerken Huijgen weeskints goeden te boucke gesteld sijn fol. 187.
Hoe Grietgen Cornelisdr bewesen heeft haere vier kinderen geprocreert bij Jan Corsz de Coelen haer vaders erffenisse fol. 189.
Hoe Barber Claesdr bewesen heeft haere drie weeskinderen geprocreert bij Gijsbert Jansz haer vaders erffenisse fol. 188.
Hoe Aert Aeltsz sijne twee weeskinderen geprocreert bij Ariaenken Dirixdr haer moederlijcke erffenisse fol. 190.
Hoe Clara Erasmusdr haer soon bewesen heeft sijn vaderlijcke erffenisse fol. 192.
Hoe Haes Aergen [Arien] Gerrits bekent Neelken Eversdr haer soons kint folio 193.
Hoe Willem Bouwensz bewesen heeft sijne twee weeskinderen geprocreert bij Lijsbet Claesdr fol. 194.
Hoe Heinric Corsz bekent de weeskinderen van Lijsbet Jacobs gelt schuldich te wesen fol. 195.
Ende hoe Lijsbet Jacobs de selve haere weeskinderen bewesen heeft 195.
Hoe Luijt Huigensz bekent het weeskint van Jan Maertensz op Cromwijck gelt schuldich te wesen 196.
Hoe Matijs Thonis rademaecker bewesen heeft sijne twee weeskinderen bij Marichgen Tonisdr haer moederl. erffenisse 197.
Hoe Cornelis Cornelisz Selden bewesen heeft sijne vier kinderen haer moederlijcke erffenisse fol. 198.
Hoe Jacob Huigensz de Hooch bewesen heeft sijne vijff weeskinderen haer moederlijcke erffenisse fol. 199.
Bewijsinge van Elbert Willemsz Duercants weeskinderen geprocreert bij Neeltgen Maertensdr f. 200 verso.
Hoe Barent Jansz Trompetter kent gelt schuldich te wesen de weeskinderen van Elbert Willemsz Duercant fol. 201.
Hoe Jan Lenertsz van Nes kent gelt schuldich te wesen de weeskinderen van Elbert Willemsz Duercant fol. 201v.
Hoe Wouter Lenertsz van Nes als bestevader van Gijsbert Huibertsz weeskint den selven bewesen heeft inde plaetse van sijne dochter sijns vaders erffe fol. 204.
Hoe Gijsbert Cornelisz me Raet sijne drie weeskinderen geprocreert bij Geertgen Melcriorsdr bewesen heeft haer moeders erffenisse fo. 205.
Hoe Neelken Jansdr haer weeskint geproceert bij Diric Dirixz Speelman bewesen heeft haers vaders erffenisse 206.
Hoe Livijnken Augustijnsdr haer weeskint geprocreert bij Claes Marijnsz bewesen heeft haers vaders erffenisse fol. 207.
Hoe Gillis Cornelisz sijne twee weeskinderen geprocreert bij Marichgen Gerritsdr bewesen heeft haer moeders erffenisse fo. 208.
Hoe Jan Henrixz goutsmit bekent Marichgen Henrixdr gelt schuldich te wesen ende hoe sekere brieven t’weeskint toecomende aengeteijckent sijn fol. 186.
Hoe Aeltgen Dammasdr haere weeskinderen geprocreert bij Jan Jansz bewesen heeft haer vaders erffenisse fol. 209.
Hoe Marichgen Jansdr haere drie weeskinderen geprocreert bij Cornelis Reijersz bewesen heeft haers vaders erve fol. 210.
Hoe dat sekere goederen aencomende de weeskinderen van Aerien Egbertsz ende Geertgen Aertsdr te bouck gestelt sijn fol. 211.
Hoe dat Haechgen Bastiaensdr hare ses weeskinderen geprocreert bij wijlen Diric Willemsz Duercant bewesen heeft haer vaderl. erffenisse 212.
Hoe Jan Dirixz Scheij bekent Claerken Jans sijn dr. schuldich te wesen 200 £ fol. 213
Beloff ende accort bij Jan Aeriensz timmerman aengegaen met Gijsbert Diloffsz ende Wier Jansz nopende d’erffenisse van sijn kinderen 215.
Hoe Jacob Gerritsz van Cortehouff sijne twee weeskinderen geprocreert bij Aelken Pieters bewesen heeft haer moeders erve ende kent vijfftich gl. daer boven schuldich te wesen fo. 216.
Hoe Timen Aeriensz Jongerhelt kent Willem Stockman als man ende voocht van Pieterken Timensdr schuldich te wesen f. 218.
Hoe Jaepken Cornelisdr haere vier kinderen geprocreert bij Jan Pietersz van Leijen bewesen heeft haer vaders erve 219.
Hoe Marichgen Jansdr bewesen heeft haer weeskint Dierixken Cornelisdr geprocreert bij Cornelis Jansz van Nes haer vaders erve f. 220.
Hoe dat de goederen de weeskinderen van wijlen Jan Heinrixz geprocreert bij Lijnken Aeriens aengecomen over den vuijtcope van den erffenisse van Marichgen Beuijens haer wittemoeder te bouck gestelt zijn fol. 221.
Hoe Pons Gerritsz van Boshuijsen kent de erfgenamen van Cornelis Jansz Boon z.g. wonende in Emderlant ende Groningerlant gelt schuldich te wesen f. 226.
Hoe Jan Thonisz houpsnijder vuitgecocht heeft de weeskinderen van Janneken Jansdr sijne dochtere huijsvrouwe geweest van Simon Simonsz schipper z.g. vuijt haer wittemoeders erve f. 227.
Hoe Cornelis Jansz de Jonge bewesen heeft sijne kinderen geprocreert bij Janneken Gerritsdr z. haer moederlijcke erffenisse fol. 228.
Hoe Gijsbert Jansz snijder heeft bewesen sijne twee weeskinderen geprocreert bij Adriana Cornelisdr z.g. haer moederl. erffenisse fol. 229.
Hoe Lambert Gerritsz Wol bewesen heeft sijne ses weeskinderen geprocreert bij wijlen Aelken Cornelisdr haere moeder haer smoeders erve f. 230.
Hoe de vijftich gl. bij wijlen Lijsbet Ulrixdr gemaeckt op Aelken Jansdr haer susters kint wt den Goude int weesbouck gestelt sijn f. 231.
Hoe Marichgen Dirixdr weeskint van Dirick Chielen ende Zara Jans ter bouck gestelt sijn fol. 232.
Hoe Claes Maertensz bewesen heeft sijn weeskint Gerrit Claesz sijn moeder erve fol. 233.
Hoe Maeijken Jansdr t’weeskint van Aerien Jansz Pruijmboom met naemen Neelken Aeriensdr heeft bewesen haer vaderl. erffenisse gemaeckt alle hare goederen fol. 234.
Hoe Willem Jansz scheepmr. heeft bewesen sijne drie weeskinderen geprocreert bij Geertgen Henrixdr haer moeders erve fol. 235.
Hoe Trijn Jacobsdr weduwe wijlen Pieter Arien Jansz bewesen heeft haer vijff kinderen haers vaders erve fol. 236.
Hoe IJsbrant Willemsz bewesen heeft sijne drie weeskinderen geprocreert bij Susanna Cornelisdr heurl. moeders besterffenisse fol. 237.
Hoe Dirck Dircxsz kent den weeskinderen van Pieter Slechten schuldich te sijn de somme van tweehondert gul. met de renten vandijen fol. 238.
Hoe Gerrit Cornelisz Rot kent den versz. weeskinderen van Pieter Slechten schuldich te wesen hondert vijftich gul. fol. 238.
Hoe Jacopgen Frericxdr wede. van Arien Aertsz Caro bewesen heeft haer twee weeskinderen Arien ende Huijbertgen haer vaderlijck erff fol. 239.
Hoe de weeskinderen van Jan Dircxsz geprocreert bij Lijnken Claesdr becomen seecker 375 £ nae t’overlijden van haer vader fol. 240.
Hoe Judith Strouth wede. van Rutgert Strouth haere twee weeskinderen bewesen heeft der selver weeskinderen fol. 241.
Hoe Baeffgen Pietersdr wede. van Claes Jansz Colff haere vijff weeskinderen bij den selven geteelt bewesen heeft 242.
Hoe Jannichgen Eingbertsdr haer selven weeskinderen gewonnen bij Jan Aertsz bewijst heurl. vaderlijcke besterffenisse 243.
Hoe Cornelis Quirijnen kent Diert Cornelisz soonken met namen Cornelis schuldich te sijn 800 £ fol. 244.
Hoe Merichgen Govertsdr wede. van Jacob Jansz Joffer bewijst haere ses kinderen heurl. vaderl. erffenisse fol. 245.
Hoe Luijt Huijbertsz bewijst sijne twee dochters gewonnen bij Barbara Cornelisdr haer vaderlijcke erffenisse fol. 247.
Hoe de goederen van t’weeskint van Jan Jan Pietersz Stedemeter te bouck gestelt sijn fol. 246.
De weeskinderen van Willem Quirijnensz geprocreert bij Willemtgen Christiaensdr sa. haer goederen te bouck gestelt sijn, fol. 248.
Hoe Urseltgen Willemsdr weeskint van Willem Aertsz van Hees goederen te bouck gestelt sijn fol. 250.
Hoe Merrichgen Hermansdr haer weeskint Neeltgen Floren, geprocreert bij Floor Willemsz, haer vaderl. erffenisse bewesen heeft fol. 251.
Hoe Brechgen Amelsdr haer weeskint Amel Cornelisz geprocreert bij Cornelis Jansz Appel sijn vaderl. erffenisse bewesen heeft fol. 252.
Hoe Uldrick Gerritsz kent sijn broeder Meijnert ende sijn suster Neeltgen Gerrits pen. schuldich te wesen fol. 253.
Accordt tusschen de voochden van den weeskinderen van Jannitgen Pietersdr geprocreert bij Jan Andriesz ende Lambert Gerritsz Cooll fol. 254.
Hoe Merrichgen Bartelmeesdr bewesen heeft haer vier kinderen geprocreert bij Willem Willemsz smit haer vaderlicke erffenisse fol. 255.
Hoe Sijncken Slempen haer twee kinderen gewonnen bij Jasper Jansz haer vaderl. erffenisse bewesen heeft fol. 256.
Hoe Merrichgen Jansdr haere vier kinderen geprocreert bij Peter Cornelisz bewesen heeft haer vaederlicke erffenisse fol. 257.
Hoe Evert Bastiaensz sijne vier kinderen gewonnen bij Stijntgen Corsdr haer moederlicke erffenisse bewesen heeft fol. 258.
Hoe Louris Dircxsz sijne drie kinderen geprocreert bij Weijntgen Aertsdr haere moederlicke erffenisse bewesen heeft fol. 259.
Hoe Jacob Jacobsz Blochuijs sijne 3 kinderen gewonnen bij Hilligen Jacobsdr haer moederlicke erffenisse bewesen heeft fol. 260.
Hoe Stijn Cors haer 2 kinderen gewonnen bij Volpert Aertsz bewesen heeft haer moederlicke erffenisse fol. 261.
Hoe Cornelis Willemsz Meijnevelt sijne twee weeskinderen gewonnen bij Neeltgen Reijersdr bewesen heeft haer moederlicke erffenisse fol. 262.
De weeskinderen van Jan Claesz schipper ende Jannichgen Corssendr goederen sijn te bouck gestelt fol. 265.
t’Weeskijnt van IJsbrant Willemsz smit geprocreert bij Neeltgen Claesdr genaemt Susanneken bewijs 266.
Hoe Pieter Thonisz pannebacker sijn weeskijnt gewonnen bij Heijltgen Jans haer moederlicke erffenisse bewesen heeft fol. 267.
Hoe Jan Corsz sijne drie weeskinderen gewonnen bij Nellegen Jansdr sa. bewesen heeft haer moederlicke erffenisse fol. 268.
Hoe t’weeskijnts van Heijndrick Pietern Vrouch goederen te boucke gestelt sijn fol. 269.
Hoe Cornelis Adriaensz Glimmers sal. weeskinderen goederen te bouck gestelt sijn fol. 270.
t’Weeskijnts van Jan Aertsz Pouls bewijs 271.
Tijmen Aertsz Jongerhelts weeskijnts bewijs 272.
Hoe Thoonis Jansz van Kempen sijn drie kinderen gewonnen bij Gerrichgen Jansdr sal. haer moederlicke erffenisse bewesen heeft fol. 273.
Hoe Dirck Andriesz scheepmr. sijn seeven weeskinderen geprocreert bij Neeltgen Flooren haer moederlicke erffenisse bewesen heeft fol. 274.
Hoe Jannichgen Jansdr bewesen heeft haer vier weeskinderen gewonnen bij Herman Frericxsz haer vaderl. erffenisse fol. 275.
Hoe Aert Dircxsz t’Hart sijne twee weeskinderen gewonnen bij Lijsbet Cornelisdr haer moederl. erffenisse bewesen heeft fol. 277.
Hoe Maerten Cornelisz op Snelle bewesen heeft sijne drie weeskinderen gewonnen bij Belichgen Jansdr van Loenen haer moederl. erffenisse fol. 278.
Hoe Jasper Jansz wever sijne vier weeskinderen gewonnen bij Baertgen Melsens haer moederl. erffenisse bewesen heeft fol. 279.
Hoe Lijsbet Jansdr haer acht weeskinderen geteelt bij Vranck Jacobsz glaesemr. haere vaderl. erffenisse bewesen heeft fol. 280.
Hoe Seelichgen Willemsdr haer twee weeskinderen gewonnen bij Herman Bruijnen haer vaderl. erffenisse bewesen heeft fol. 281.
Hoe Weijntgen Sijmonsdr haer vijff kinderen gewonnen bij Willem Jansz smit haer vaderl. erffenisse bewesen heeft fol. 283.
Hoe Merrichgen Dijeloffsdr haer weeskinderen gewonnen bij Willem Aert Dammasz haer vaederlijcke goet bewesen heeft fol. 284.
Hoe t’goet van t’weeskijnt van Lammert Lambertsz ende Geertgen Jansdr te bouck gestelt es fol. 285.
Hoe Lucas Andriesz bewijst sijn weeskijnt bij Juditgen Willemsdr fol. 286.
Hoe Dirck Aertsz Hertgis sijne vier kinderen gewonnen bij Stijntgen Cornelis haer moederl. erffenisse bewesen heeft 286.
Hoe Aechgen Aert Bosserts haer soon Aert Heijndricxsz sijn vaderlijcke erffenisse bewesen heeft fol. 287.
Hoe Aeltgen Willemsdr haer weeskijnt geteelt bij Engbert Pietersz tot Jutphaes gewoont hebbende haer vaderlijcke erffenisse ende bewijs verseeckert heeft fol. 288.
Hoe Adriaen Cornelisz schipper sijne vijff weeskinderen gewonnen bij Hestert Laurisdr haer moederlijcke erffenisse bewesen heeft fol. 289.
De weeskinderen van Willem van Winterswijck geprocreert bij Aechgen Dircxdr fol. 290.
t’Weeskijnt van Dirck Hermansz Tromslager geteelt bij Maeijcken Jansdr fol. 291.
t’Weeskijndt van Hubert Dircxsz glaesemr. geteelt bij Merricgen Jansdr fol. 292.
Dirck Thonisz wever bewijst sijn twee kinderen haer moederl. erffenisse geteelt bij Neeltgen Lucasdr fol. 293.
Jan Claesz schipper bewijst sijn weeskijnt gewonnen bij Weijntgen Jansdr sijn moederl. erffenisse fol. 294.
Cornelis Jacobsz Bekenes bewijst sijn vier weeskinderen geteelt bij Merrichgen Jansdr haer moederl. erffenisse fol. 295.
Merrichgen Cornelisdr bewijst haer vier kinderen gewonnen bij Claes Ulricxsz haer vaederl. erffenisse fol. 296.
De weeskinderen van Willem Gerritsz Corten gewonnen bij Merrichgen Jansdr fol. 297.
De weeskinderen van Cornelis Reijersz geteelt bij Merrichgen Jans fol. 298.
t’Weeskijnt van Claes Thijsz geteelt bij Magdaleentgen Jansdr fol. 299.
Claes Sijmonsz weeskijnt geteelt bij Lijsbet Aertsdr fol. 300.
Dirck Pietersz van Leeuwen weeskinderen geteelt bij Jannichgen Sweeren fol. 301.
Tijmen Jacobsz weeskinderen geteelt bij Trijntgen Cornelis van Gulich 302.
Lambert Willemsz bleijckers voorkinderen gewonnen bij zijn eerste huijsvrouw Geertgen Cornelisdr 303.
Dirck Jansz Verweijs weeskijndt geteelt bij Merrichgen Hermansdr fol. 304.
t’Weeskijnt van Quirijn Cornelisz gewonnen bij Anna Claesdr fol. 306.
De drie weeskinderen van Pieter Jansz verwect bij Jannichgen Cornelis fol. 307.
[Jan Jansz schipper alias] Jonge Jan Ghijelen bewijst zijne ses kinderen bij Lijsbet Thoonis verwect haer moederl. erffenisse fol. 308.
De weeskinderen van Reijer Jansz smit verwect bij Aeltgen Claesdr fol. 309.
Jan Thoonisz Aelmans twee kinderen haer moederl. erffenisse bewesen fol. 310.
Heijndrickgen Joorisdr bewijst haer seven weeskinderen geteelt bij Dirck Segrumsz haer vaderl. erffenisse fol. 311.
Jan Cornelisz op Barwoutswaerder bewijst zijn vier kinderen geteelt bij Merrichgen Jansdr haer moederl. erffenisse fol. 312.
De weeskinderen van Elias Jansz geteelt bij Weijntgen Joosten fol. 313.
Jacob Claesz bewijst zijn vier kinderen geprocreert bij Nellegen Jansdr haer moederl. erffenisse fol. 314.
Lijntgen Matheusdr bewijst haer weeskinderen geteelt bij Pieter Dircxsz zijn vaderlijcke erffenis fol. 315.
Merrichgen Jans op Rietvelt bewijst haer drie kinderen verwect bij Jan Hermansz haer vaders erffenisse fol. 316.
Jacob Jansz Plomp scheepmakers kinderen geteelt bij Neeltgen Jansdr bewijs van haer moederl. erffenisse 317.
Dirck Glimmers sa. secretaris deser stede weeskinderen verwect bij Adriaentgen Stoopen haer vaderl. bewijs 318.
Neeltgen Jans Duernijt bewijst haer drie kinderen geteelt bij Dirck Jansz haer vaderl. erffenisse fol. 319.
Willem Gerritsz schoenmakers weeskinderen verwect aen Jannichgen Jansdr haer bewesen vaderl. erffenisse fol. 320.
Joost Dircxsz schipper bewijst sijn soonken verwect aen Jannichgen Theusdr sijn moederl. erffenisse fol. 321.
Merrichgen Dircxdr wede. van Vrijes Vriesz kent haer dochter Douwe Vriesendr gelt schuldich te wesen fol. 323.
Cornelis Reijersz Colmers weeskints bewijs van de vaderlicke erffenisse fol. 327.
Accoort van d’erffenisse van Jan Pietersz van Kempen op de kinderen van sijn dochter geteelt bij Tijs Hermansz snijder gedevolueert fol. 324.
De goederen van den kinderen van Jan Claesz Bosch ende Geertgen Christiaensdr fol. 326.
Cornelis Joostensz weeskinderen bewijs van haer moederl. erffenisse fol. 328.
Weijntgen Hermens weeskinderen bewijs fol. 330 verso.
Jannichgen Govertsdr bewijst haer vier kinderen gewonnen bij Herman Aelbertsz haer vaderl. erffenisse fol. 331.
Dirck Roeloffsz Soest bewijst zijn vier kinderen verwect bij Geertgen Jans haer moederl. erffenisse fol. 332.
Merrichgen Gijsbertsdr weeskijnt van Gijsbert Huijgen op Cromwijcx goederen fol. 333.
Jan Aertsz Ploijs weeskinderen verwect aen Haesgen Fransdr moederl. bewijs fol. 335.
Pieter Gijsbertsz Colffs ende Aeltgen Stevens weeskinderen fol. 334.
Thijs Gillisz weeskint verwect aen Trijntgen Dircxdr moederl. bewijs fol. 336.
Adriaentgen Claesdr weeskijnt van Claes Claes Buijen fol. 337.
Cornelis Cornelisz kistemakers weeskinderen verwect aen Lijsbet Pietersdr goederen fol. 338.
Gerrit Jansz Macharis weeskinderen bewijs van vaderl. erffenisse 340.
Vechter Jansz weeskinderen verweckt aen Elisabet Ruttendochter folio 335 verso.
Pieter Heijndricxsz de Ridder van Utrecht kent de drie weeskinderen Neeltgen Jansdr geteelt bij Jan Pietersz van Gelder schuldich te sijn 40 gl. 341.
Gerrit Dircxsz smits vijff kinderen verwect aen Grietgen Claesdr fol. 342.
Dirck Jansz op Barwoutswaerder acht weeskinderen verwect aen Lijsbet Jansdr zijn 2 voorkinderen fol. 344.
Pieter Claesz goutsmits weeskint verwect aen Neeltgen Cornelisdr moederl. bewijs fol. 345.
Gerrit Dircxsz van Dams vier weeskinderen verwect aen Geertgen Ariensdr moederl. bewijs fol. 343.
Merrichgen Dierten weeskinderen geteelt aen Ermbout Cornelisz Ouwe Camerick fol. 347.
Jannichgen Pieters 2 weeskinderen geteelt bij Jan Jongh moederl. bewijs van haer goederen fol. 348.
Gerrit Jansz Ramps ende Neeltgen Jansdr vijff weeskinderen fol. 349.
Cornelis Pietersz weeskijnt van Pieter Claesz op Vreevelt fol. 351.
Jan Flooren weeskinderen verwect aen Merrichgen Claesdr moederl. bewijs 352.
Janneken Heer Claes Sijmonsz dochter goeeden fol. 350.
Cornelis Cornelisz Sneijs op Rietvelt weeskinderen verwect aen Merrichgen Cornelis haer vaderl. bewijs 353.
Jan Poolen ses kinderen verwect aen Matgen Gijsbertsdr bewijs van vaderl. erffenisse 355.
Gijsbert Elbertsz weeskijnt verwect aen Merrichgen Jans moederl. bewijs 356.
Reijnier Foppensz ende Lijsbet Claesdr weeskinderen goeden 357.
Dirck Pietersz van Leeuwen 2 weeskinderen verwect aen sijn 2e huijsvrouw Merrichgen Sijmons moederlick bewijs fol. 301.
Cornelis Jacobsz van Arwielen ende Heijl Cornelisdr dochterke met naemen Elsgen Cornelisdr 356.
Heijndrick Balthensz 4 weeskinderen verwect aen Barbar Claes Haeselaers vaderl. bewijs 361.
Gillis Joosten drie weeskinderen verwect aen Aeltgen Uldricxdr moederl. bewijs 362.
Jan Jansz aenden Hoogendijcx weeskinderen verwect aen Adriaen Dircxdr goederen 363.
Willem Pietersz schoenmakers weeskinderen verwect aen Geertgen Jansdr moederl. erffenisse 364.
Dirck Buijensz weeskijnt van Buijen Dircxsz Jaspertgen 365.
Joost Joosten weeskinderen verwect aen Theuntgen Heijndricxdr vier kinderen moederl. erffenisse fol. 367.
Trijntgen Isaacxdr weeskijnt van Isaack Hermansz ende Merrichgen Flooren goederen 370.
Hagen Jansz Plomps ende Merrichgen Jacob van Damsdr weeskinderen goederen 368.
Merrichgen Pietersdr legaet haer bij Gerrit Cornelisz Hagen gemaect fol. 369.
Trijntgen Isaacx weeskijnt van Isaack Hermansz ende Merrichgen Florendr fol. 370.
Willem Quirijnen op Breevelts vier weeskinderen verwect aen Willemtgen Christiaens vaderl. bewijs fol. 371.
De kintskinderen van Nellichgen Jansdr wede. van Aert Jansz Vermij goederen van haerl. bestemoeder gecomen fol. 371.
Jan Elbertsz Rijck ende Merrichgen Jans weeskijnt moederlicke bewijs fol. 375.
Jan Jansz van Reewijcx ende Merrichgen Sweeren weeskinderen moederl. bewijs fol. 376.
Jacob de Meesters ende Grietgen Gillisdr sa. weeskijnt goeden gecomen van de bestemoeder fol. 377.
Willem Jansz Coorns weeskinderen verwect aen Selichgen Dircxdr moederl. erffenisse fol. 378.
Paulus Cornelisz wevers weeskinderen verwect aen Barbara Ariens moederl. bewijs fol. 380.
Alijdt Harmansdr weduwe wijlen Ghijsbrecht Jacobsz Verckendrijver fo. 381.
De weeskinderen van Jan Jansz van Slupick die hij geprocreert heeft bij Merrichgen Assucrusdr aende Lange Linschoten fo. 382.
De weeskinderen van Jan Claesz Comen geprocreert bij Jannetge Ponsdr met namen Claes Jansz, Janneken, Maritgen ende Heijndricxke Jansdren. fo. 385.
De weeskinderen van Pieter Cornelisz sal. geprocreert bij Merrichen Jansdr met namen Cornelis ende Jan Pieters sonen, Jannichgen ende Dieuwer Pietersdrs. fo. 383.
De weeskinderen van Dirck Willemsz op Snelle die hij gewonnen heeft bij Aechge Cornelisdr sijn huijsvrou, met namen Willem ende Cornelis Dircxsz, Aechgen ende Dirckgen Dircxdochteren fo. 384.
t’Weeskindt van zal. Mathijs van Sittert twelck hij gewonnen heeft bij Henrickge N. sijn huijsvrouw van Nimmegen met namen Mathijs Mathijsz fo. 386.
t’Weeskint van Andries Jacobsz wollecammer geprocreeert bij Jacobmijne de Souters sijne overleden huijsvrou met namen Hester Andriesz fo. 387.
De weeskinderen van Neeltgen Jansdr die sij ggegenereert heeft bij Pieter Aertsz Haselaer haer overleden man, met namen Pieter ende Aert Pietersz mitsgaders Annichgen Pietersdr 388.
De weeskinderen van Neeltgen Antis za. die sij gehadt heeft bij Thonis Janssen Ribbert met namen Jan ende Jacob Theunisz 389.
De kinderen van Cornelis Dierten op Barwoutswaerder geprocreeert bij Aechtge Jansdr sijn overleden huijsvrou met namen Pieter, Dirck ende Diert Cornelis zoonen mitsgaders Geertgen Cornelisdr 390.
Aert Pietersz weeskinderen geprocreeert bij Marrichgen Luijten met namen Pieter, Thonis, Luijt ende Hendrick Aertszonen folio 391.
Jan Jansz wonende op Barwoutswaerder weeskindt van Jan Dircxsz geprocreeert bij Geertgen Pietersdr 392.
t’Weeskindt van Dirck Eeuwoutsz geprocreert bij Lijsbet Willemsdr sijn overleden huijsvrou genaempt Evert Dircxsz 393.
De weeskinderen van Cornelis Cornelisz Snaij geprocreert bij Grietge Cornelisdr beijde sa. ge. gewoont hebbende op Rietvelt met namen Cornelis ende Gerrit Cornelis sonen met Luelgen ende Marichgen Cornelis dochteren 394.
De weeskinderen van Trijntgen Willemsdr wede. wijlen Nicolaes Huijgensz van Rijck sa. gedachte 395.
De weeskinderen van Claes Jansz wonende aen den Barboswaertse wateringe gewonnen bij Lijsbeth Jansdr met namen Jan, Pieter, Claes, twee dochteren genaemt Jannichgen ende Marichgen Claesdren. 399.
De weeskinderen van Grietgen Jansdr wede. wijlen Nijs Willemsz met namen Thonis Nijsz ende Dirckgen ende Marichgen Nijsdrn. fo. 400.
De kinderen van Cornelis Jansz Coppert sa. geprocreert bij Merrichgen Ermbouts sijn huijsvrou met namen Jan, Cornelis, Heijndrick Cornelisz Coppert, vuijtlandig, ende Gerrichgen ende Marichgen Cornelisdrn. fo. 401.
De goederen van ‘t weeskint van Arien Cornelisz ende Lijsbet Willemsdr fol. 403.
Hoe Jan Stoffelsz glaesmaker kent t’elve weeskint schuldich te sijn fol. 404.
Neeltgen Dircxdr wede. van Cornelis Dircxsz backer kent de weeskinderen (3) van Jan Aertsz ende Jannichgen Eijmbertsdr schuldich te wesen fol. 405.
De weeskinderen van Aechgen Huijgendr geprocreeert bij Geerwaert/Gerrewaert Lenaertsz wonende in Diemerbroeck met amen Dirck ende Willem Gerwaerts ende Hendrickge, Dieuwer, Jannichgen ende Marrichgen Gerwaertsdrn. 406.
De kinderen van Huijch Pietersz Haeselaer geprocreert bij Marrichgen Pieters met namen Fuijsgen, Marrichgen ende Weijntgen Huijgens dochteren 407.
Hoe Fijchgen Jansdr bewijst hare twee weeskinderen met namen Marichgen ende Jannichgen Willemsdren. geteelt bij Willem Ariensz gewoont hebbende op Hoochbreevelt haere vaderl. erffenisse ende besterffenisse fol. 408.
Bewijs van Cornelis Dircxsz Leckerwijns weeskinderen geprocreert bij Annichgen Cornelisdr fol. 410.
t’Weeskindt van Thijs Dircxsz ende Marrichgen Cornelisdr beijde sa. ge. met namen … folio 412.
Cornelis Cornelisz wonende op Cromwijck kent schuldich te wesen de weeskinderen van Hendrick Thonisz ramaker etc. fol. 413.
t’Weeskint van Elbert Cornelisz Bijl verweckt bij Trijntgen Willemsdr sijn overleden huijsvrou genaempt Aechgen Elbertsdr 414.
t’Weeskint van Gerrit Harmens twelck hij verweckt heeft bij Marrichgen Dircxdr genaempt Gerrit Gerritsz 414 verso.
De weeskinderen van Adriaen Theunisz Knoop vande goederen haer aengecomen van haer bestemoeder Anne Claesdr wede. wijlen Theunis Adriaensz Knoop volcht t’bewijs 415.
Jan Leenartsz weeskint van Lenart Geerlofsz geprocreert bij Aeffgen Jansdr folio 416.
Marrichgen Ghijsbertsdr weeskint van Ghijsbert Hendricxsz geprocreeert bij Hillichgen Adriaens vroetvrou/vroetmoeder 417.
Hoe Lijsbet Jans kent schuldich te wesen t’weeskint van Jan Cornelisz Cueperdraet fol. 418.
Hoe Gerrit Dircxsz Vleijshouwer kent Trijntgen Isaacxdr schuldich te wesen fol. 419.
Hoe Jan Gerritsz kent t’selve weeskint schuldich te wesen fol. 419.
Hoe Dirck Gerritsz Croon kent sijn suster Neeltgen Gerrits schuldich te wesen fol. 421.
Hoe Robbert Wats corporaell gewees onder de compe. van Veere sijn weeskint geprocreert bij Willemtgen Adams Verduijn bewijst haer moederl. erff fol. 422.
Hoe Harmen Harmensz van Hattum kent de weeskinderen van Arent Claesz van der Born schuldich te wesen fol. 423.
Hoe Gijsbert Dircxz kent t’weeskint van Aert Cornelisz in Cortrijck schuldich te wesen fol. 426.
De weeskinderen van Aelbrecht Hendricxsz schoenlapper in Bekenes die hij gewonnen heeft bij Annichgen Dircxdr sijn overleden huijsvrou 427.
t’Weeskindt van Pool Cornelisz gewonnen bij Geertgen Lenaerts genaempt Cornelis Polen folio 428.
Accort van t’bewijs van Frans Jansz Tharts weeskint fol. 429.
Barent Jansz Trompetter kent Willem van Leeuwen weeskint van Catrina van Bijlwerff schuldich te wesen fol. 432.
Jan Pietersz wonende op Honthorst bewijst sijn weeskint voor haer moeders erff fol. 433.
Hoe Joost Jansz t’weeskint van Jan Lambertsz kent sijn broeder met name Dirck Jansz schuldich te wesen pen. voor sijn vaders erff fol. 434.
De kinderen van Aeltgen Willemsdr huijsvrouwe van Joost Gelisz linnewever met namen Grietgen ende Marijcgen Abrahamsdrn. folio 436.
De weeskinderen van Jacob Cornelisz wonende in Bekenes die hij verweckt heeft bij Annichge Sijmonsdr met namen Sijmon [ende] Jan Jacobsz 437.
Hoe Gijsbert Jansz Camerick kent de weeskinderen van Jacob Jansz scheepmaker schuldich te wesen fol. 317.
Hoe Aeltgen Matheus hare kinderen gewonnen bij Claes Jansz Feck haer vaderl. erff bewijst fol. 437 verso.
De kinderen van Arien Egbertsz fol. 445.
Hoe Lijsbet Cornelis haer weeskint folio 434 bewesen heeft geprocreert bij Dirck Jan Lambrechts 434 folio.